Om een beetje variatie te brengen in ons vervoer besloten we om de korte afstand tussen Kampot en Kep af te leggen met een oud vissersbootje. 
Deze voer de rivier af bij Kampot om daarna langs de kust tot aan de pier bij Kep te varen. In de verte konden we het Vietnamees vasteland al zien liggen. Kep ging onze laatste bestemming zijn voor we terugkeerden naar Phnom Penh. We besloten om het rustig te houden in Kep en helemaal tot rust te komen voordat we teruggingen naar het drukke Phnom Penh. Het kleine, rustige maar gezellige Kep heeft ons hart helemaal weten te veroveren!

Na een rustig boottochtje – waarbij de kapitein de boot met zijn voeten bestuurde – kwamen we aan op Kep. En wij trokken onze ogen nogal open toen we aanmeerden: het was ongelofelijk rustig op straat! In tegenstelling tot veel van de wegen in Cambodja lagen er in Kep brede, goede wegen. Tot onze verbazing was er daarentegen amper verkeer, het was daarom zalig om uitstapjes te doen met de brommer. Toeristen laten Kep vaak links liggen omdat Kampot bekender is en meer te bieden heeft. Maar wij merkten dat wij ons gauw thuis voelden in het rustige Kep.

Kep: aangenaam stil met een bruisend marktje

Bij aankomst van Kep zagen we een groot standbeeld van een krab in de zee liggen. Je kan het al raden, het stadje Kep staat bekend om krab! En wij hadden het grote geluk dat ons hotel op wandelafstand van de krabmarkt lag! Ik begin al spontaan te watertanden als ik er terug aan denk, maar het eten dat de markt (maar ook andere markten) te bieden had, was zo lekker! Een prachtig assortiment van verse krab, vis, inktvis, maar ook zoetigheden. De markt zelf is vrij klein, maar het is wel een bonte boel van mensen. En dat vormde een contrast met de verlaten straten van Kep. Het zit trouwens zo dat Kep in de weekenden enorm druk is omdat de Cambodjanen – vooral de bewoners van Phnom Penh – er hun weekend doorbrengen. Oorspronkelijk hadden wij maar voor 2 nachten geboekt, maar al gauw besloten we om langer te blijven omdat het er zo rustig was.

Rabbit Island

Rond Kep liggen enkele eilandjes en om ons helemaal in de paradijselijke sfeer te onderdompelen maakten we een uitstapje naar Rabbit Island. Dit is een klein eilandje met azuurblauw water, kleine hutjes, en enkele restaurantjes. Ik waande mij echt op een paradijs en heb de hele tijd liggen zonnekloppen! Ben daarentegen hield het na een uur bekeken en ging het eiland een beetje verkennen, al keerde hij gauw terug omdat hij niet de benodigde spullen mee had om een fatsoenlijke wandeltocht te maken. Je kan namelijk een stevige wandeltocht op het eiland maken, maar daar waren we dus niet op voorbereid. Misschien de volgende keer? Ik ben alleszins helemaal zen geworden op het eiland en leek me zelfs leuker dan het drukke Koh Rong. Het was ook helemaal niet over de koppen lopen, dus ik kan Rabbit Island alleen maar aanraden.

Kep National park

Kep is veel kleiner dan de vorige steden die we hebben bezocht, en al is er minder te beleven, toch hadden we ons geen moment verveeld. Zo hebben we een flinke wandeltocht van ongeveer 8 km gedaan. Het was flink puffen en zweten door de verschillende hellingen en de warmte. Voor de geoefende wandelaars is de wandeling zeker de moeite. En onderweg kwamen we ook apen tegen!

La Plantation: peper plantage

In de blogpost over Kampot heb ik het er niet over gehad omdat ik het wou bewaren tot nu: maar Kampot staat naast durian ook vrij bekend om zijn Kampot peper. Zo zijn er enkele peper plantages die je vrij kan bezoeken. Omdat de bekendste peper plantage “La Plantation” dichter bij Kep ligt om te bezoeken, zijn we dan ook vanuit Kep naar La Plantation gegaan.

Toen we aankwamen op het terrein en zagen dat het mooi georganiseerd was, zei ik nog tegen Ben dat dit niet het idee was van Cambodjanen. Dus toen we ontdekten dat het is opgericht door Franse mensen, was ik niet al te verbaasd. We kregen een gratis rondleiding en achteraf konden we ook de verschillende pepers testen. Je kon er ook een workshop koken volgen, maar daar had Ben niet veel goesting en ik kan altijd mijn mama mijn mama op hulp vragen, dus besloten we om het kokkerellen over te slaan. Wat ik wel heel graag wou doen was een buffalo ritje maken! Eerst gingen we ter koe naar het nabijgelegen meer (Secret Lake) waar we de rijdieren inwisselden voor buffalo’s. De buffalo’s gingen het water in waarbij onze voetjes nat werden, maar het was echt zalig om de diertjes zo te genieten. Ik vond het alleszins heel tof om te doen. Je zag dat de verzorgers echt heel veel om hun dieren geven.

Vlinder

Toen hadden we zo’n beetje alles gedaan wat Kep te bieden heeft. Online hadden we gezien dat er een vlinderboerderij was en omdat we niet alleen wouden luieren, gingen we deze bezoeken. We kwamen aan bij een grote, mooi onderhouden tuin en vanachter in de tuin had je dan de kooi van de vlinders. Het was redelijk klein, en echt spectaculair kan ik het niet noemen, maar er heerste een ontspannen sfeer. Ik vond het alleszins wel tof om de vlinders en de kleurrijke bloemen te fotograferen.

In aanraking met de Cambodjaanse gezondheidszorg…

Door een klein accidentje (niets ernstigs) op onze laatste dag, moest ik helaas de dokter bezoeken in het plaatselijke ziekenhuis. Drie hechtingen verder en een paar uur in zelfmedelijden te hebben gezwolgen, konden we gelukkig nog verder genieten van onze vakantie. Maar daardoor heb ik wel een kijkje kunnen nemen in de gezondsheidszorg van Cambodja. In al de steden die we hebben bezocht, zagen we overal kleine openbare ziekenhuizen/klinieken, maar zoals je kan raden zijn deze helemaal niet zoals in België. Bij mijn consultatie bij de dokter was er ook helemaal geen privacy: ik had ongeveer 7 toeschouwers die nieuwsgierig toe keken. Van mijn familie weet ik dat de mensen met geld eigenlijk naar private klinieken gaan omdat ze de openbare ziekenhuizen niet vertrouwen. Ik houd alleszins mijn hart vast voor Cambodja nu er daar ook een uitbraak is van corona…

Terug naar Kampot

En toen was het tijd om de oase van rust te verlaten en terug te keren naar drukkere oorden. Eerst maakten we een tussenstop in Kampot, omdat het van daar veel makkelijker was om Phnom Penh te bereiken. Al onze vorige ritten waren vrij rustig verlopen, maar de rit van Kep naar Kampot was een helse rit. De chauffeur reed heel snel en in no time waren we wel terug in Kampot, maar voor mij had het wel trager gemogen. In Kampot hebben we nog wat rustig genoten en we zijn ook teruggegaan naar Arts Epic Café, omdat ze er echt verrukkelijk eten serveren.

Phnom Penh: Eleven One Kitchen en Chinese optocht

In Phnom Penh heb ik heel toevallig Eleven One Kitchen ontdekt: een plastiek vrij restaurant waar er ook wekelijks Khmer lessen gratis worden aangeboden. Natuurlijk heb ik Ben kunnen overtuigen om daar een les te volgen onder genot van de heerlijkste milkshake ooit (bananencashew!). Het was nogal basis Cambodjaans, dus zelf had ik er niet veel aan, maar voor mensen die niet bekend zijn met de taal is het zeker interessant. Ik vond het restaurant alleszins wel tof omdat het zo inzet op duurzaamheid en het personeel was ook zeer lief.

Mijn familie had ons uitgenodigd voor een optocht voor het Chinese Nieuwjaar. Onderweg naar mijn familie met de tuktuk viel het op dat het verkeer nóg drukker was dan anders. En hoe verder we trokken, hoe meer we Chinese “praalwagens” zagen. Jongeren deden zich voor als goden. En dat inleven doen ze op een nogal pijnlijke manier: ze snijden zich, of steken naalden in hun gezicht en smeren dan bloed op hun gezicht. Ze dragen ook allemaal scherpe wapens zoals speren en messen. Eerlijk gezegd was het niet echt mijn ding, maar de lokale bevolking (jong en oud) was er echt van aan het smullen. Dit alles dient voor goed geluk en daar doen de mensen gretig aan mee.

Vaarwel Cambodja!

Helaas brak de dag aan dat we terug naar huis moesten. Met pijn in het hart namen we afscheid van Cambodja. Ik moet bekennen dat dit echt de meest zalige vakantie was, ook al hebben we ook schrijnende beelden gezien. Een maand lang zonder laptop, zonder de hele tijd op mijn gsm te kijken heeft mij echt veel rust gebracht op mentaal vlak. De gastvrijheid door het altijd glimlachende volk is ook een heuse openbaring.

Ik hoop dat ik jullie een beetje heb kunnen vermaken en jullie wat heb kunnen laten proeven van de Cambodjaanse gastvrijheid! Ik kijk er alleszins naar uit om nog eens terug te gaan en ik hoop ook dat jullie interesse een beetje gewekt is voor dit prachtige land! 😀

Liefs,

Rani

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.